Posts tonen met het label Adriaan van Dis. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Adriaan van Dis. Alle posts tonen

zondag 11 maart 2018

Hier is...

Dinsdagavond, laat thuis van werk. Bord op schoot, tv aan. Ik val middenin een gesprek met Adriaan van Dis. Nederland 1, DWDD. Het gesprek gaat over een gesprek dat Adriaan van Dis twee dagen later hebben zal met een schrijver in het speciaal voor de Boekenweek weer tot leven gewekte Hier is… Adriaan van Dis. Eigenlijk wilde Adriaan ermee ophouden, na vijf jaar Van Disje spelen bij DWDD was het wel welletjes - behalve, behalve, als ze die ene schrijver konden boeken, die éne literaire grootheid –tromgeroffel..!- eh, Stephen Fry. Die van Blackadder zeg maar. En hij wilde komen! Hij wilde komen naar de studio van diedobbeljoediedie! Nou jongen, die Van Dis gelukkig! Die ging natuurlijk ook meteen overstag. En, dat kon Adriaan wel verklappen, een bijzonder gesprek was het geworden! Niks geen lolbroekerij, een en al diepzinnigheid, met hooguit hier en daar een kwinkslag. Wat een boeiende en diepgravende kijk had Fry op de toestand in de wereld, wat een intelligente man! Ter illustratie werd een fragmentje ingestart waarin Stephen Fry met veel omhaal van woorden wat open deuren over internet intrapte, of dat boeiend was. Erger was daarbij was de spuugdraad die terwijl hij sprak op zijn lippen verscheen. Ik zat verdikkeme wel eten hè! Nou ja, boeiend allemaal…

donderdag 24 september 2015

Adriaan van Dis kijkt wat sip ondanks Constantijn Huygens-prijs

Gisteravond laat zat ik met een biertje in mijn ene en een sigaretje in mijn andere hand onderuitgezakt voor de tv naar Pauw te kijken waar Adriaan van Dis in het zonnetje gezet werd omdat hij de Constantijn Huygens-prijs gekregen heeft. Maar het was een zonnetje met een paar wolkjes ervoor. De redactie van het programma had namelijk een paar collega-schrijvers zover gekregen dat ze in de camera iets tegen Adriaan wilden zeggen. Dus kreeg Adriaan kudos van Tom Lanoye en Ronald Giphart en Abdelkader Benali; maar de lof die hij kreeg toegezwaaid betrof vooral zijn ambassadeurschap voor het boek –van zijn exceptionele literaire kwaliteiten werd niet gerept. Wijselijk – ook wel een beetje pijnlijk – want over exceptionele literaire kwaliteiten beschikt Van Dis niet. Ik heb vier of vijf boeken van hem gelezen, die ik best onderhoudend en vermakelijk vond; maar ik was niet, bepaald niet, onder de indruk van zijn stijl. Sterker ik vond zijn stijl soms ronduit saai. Makkelijk uit je woorden komen, moeiteloos kunnen formuleren, het biedt geen garantie voor een pakkende stijl, zoveel blijkt eens te meer uit het werk van Van Dis. Dat hij de Constantijn Huygens-prijs krijgt toegekend, voor Nederland toch een zeer belangrijke oeuvreprijs, zegt dan ook alles over ons kleine taalgebied. Ieder jaar moet toch iemand die prijs krijgen.

zaterdag 19 september 2015

Mollenvel Parijs, pagina zoveel


Café sur le toit, september 2015, aardbeien met slagroom

Ik had in m’n schoudertas een oud Volkskrant Magazine gestopt, dat ik bewaard had omdat er een reportage over Parijs in staat van Peter Giesen. (Het is trouwens nogal bewolkt, maar droog en niet koud.) Wat er ook in staat is een kort verhaal van J.M.A. Biesheuvel, dat ik straks lezen ga, en een inleidend stuk waarin Arjan Peters iets over dit korte verhaal (of kortverhaal zoals de Vlaming zegt; ook volgens de Vlaming ben ik nu in een grootstad, in plaats van in een grote stad, maar laat vallen zoals de Fransman zegt) zegt en over de vijf die nog volgen zullen (of die al gevolgd zijn, en die ik stuk voor stuk gemist heb). Die andere vijf verhalen plus deze van Maarten Biesheuvel danken hun uitverkiezing aan een vierkoppige “jury” die speciaal hiertoe in ’t Amstelhotel bijeengeroepen is. Behalve Arjan Peters himself en Wilma de Rek van de Volkskrant de onvermijdelijke Adriaan van Dis en de op de groepsfoto van de jury zeer hautain kijkende Anna Drijver om wie ik eens heel veel lol gehad heb toen ik een interview met haar las in eerdere editie van datzelfde Volkskrant Magazine. Neemt niet weg dat ik haar graag in haar kutje neuken zou, en in haar mondje en haar kontje, alleen denk ik dat dat bij haar niet gelegen komt. Waarom niet? Nu ik erover nadenk, blijkt dat we best wel wat gemeen hebben. Zo heeft ze net als ik aanleg voor dwangneuroses en is ze net als ik vegetariër, waarvoor kudos, en net als ik is ze een wannabee schrijver. Wat zeg ik, ze heeft zelfs, anders dan ik, twee romans op haar naam staan en ik herinner me zelfs dat ze voor haar eerste een zeer welwillende recensie kreeg – maar daarvoor heeft ze vast Arjan Peters moeten pijpen.


zaterdag 1 juni 2013

Schrijversk(l)iek

Vanochtend – net uit bed, sufferdesufsuf naar de plee om te plassen – schrok ik me het leplazarus: aangestaard werd ik, brutaal aangestaard door vijf lelijke koppen..! Vanaf de deurmat keken ze me onverdroten aan, en sommige nog hautain en geringschattend ook..! Het was de foto op de cover van het Volkskrant Magazine dat zich uit de krant zelf had losgemaakt, die mij deze onplezierige verrassing bezorgde. Toen ik enigszins van de schrik bekomen was (en gepist had) nam ik het blad van de mat en bladerde door naar de plek waar er nog vijfentwintig van die scribenten te zien waren – en plotseling drong het tot mij door waarom het nooit wat geworden is met die schrijverij van mij: ik ben gewoon niet lelijk genoeg..!

zondag 2 september 2012

Zomergasten

Zomergast Micha Wertheim wekte in het begin van de uitzending mijn irritatie op. Doe niet zo dwars. Probeer niet zo dwangmatig leuk te zijn. En: je lijkt in je gezicht op Gerrit Komrij, maar daar kun je ook niets aan doen. Maar gaandeweg werd het programma boeiender. Ik zag in dat ik Micha verkeerd beoordeelde. Dat hij wel degelijk intelligent en origineel was, met goeie kritieken, bijvoorbeeld op die inteeltteevee van DWDD. Jan Leijen kwam die avond tekort, hij kon Micha niet goed bijbenen. Bij Adriaan van Dis stelde hij dikwijls wel de juiste vragen, maar Van Dis leek meer geïnteresseerd in zijn eigen zienswijzen dan in dialoog. Die zienswijzen waren zelden opzienbarend en soms wat al te kort door de bocht. Om via Rost van Tonningen bij Wilders uit te komen en te beweren dat ook Wilders Indisch bloed in de aderen heeft stromen en dus niet raszuiver is, is totaal irrelevant omdat de man, hoewel een demagoog en een onbeschofte schreeuwlelijk, voor zover mijn kennis strekt geen nazi-sympathisant is, hooguit een nare populist met een islamfobie. En te zeggen dat het katholicisme van Gerard Reve hem te koket is, is uit de mond van zo’n ijdeltuit als Van Dis helemaal een gotspe. De man is zelf –en ter zijn verdediging: ondanks zichzelf – de koketterie zelve. Trouwens, zoals de man is, zo schrijft hij, heel netjes, met enige zwier, maar zonder dat het wringt of wrikt en zonder dat het beklijft: fondantproza.