Posts tonen met het label Dream Gerrard. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Dream Gerrard. Alle posts tonen
zaterdag 7 december 2013
Le rêve est une seconde vie II
In de nacht van 5 op 6 december had ik nog een droom die het vermelden waard is. Ik bevind me in een ruimte die denken doet aan de zaaltjes die kantoren afhuren in hotels om er het kennispeil van hun personeel te laten updaten. (Geen wonder, ik heb begin deze week in zo’n ruimte zo’n cursus gehad.) Er is een man met een microfoon die heen en weer loopt door de zaal. Hij inspireert mensen. Ook zijn broer inspireerde mensen, maar zijn broer is dood. Ik zit aan een tafel bij de wand. Er staan zakjes met munten op de tafel, en die schijnen een ceremoniële functie te hebben. Een collega van mij is ook van de partij, alsook iemand die ik niet ken en die, in tegenstelling tot mij, een believer is en een streber. De man met de microfoon vraagt of er nog vragen zijn en de believer vraagt, waar de kruiwagen is. De charismatische inspirator – ik moet hem niet, en voel me niet op mijn plaats; ik zal later in de droom uit het “genootschap” treden en over die daad voldoening voelen – zegt dat die kruiwagen er is, als je maar goed kijkt. De streber nu vat dat op als een hint en gaat aan de haal met een denkbeeldige kruiwagen. Hij loopt er nadrukkelijk mee door de zaal en stopt bij een klein waterbassin midden in de zaal. Daar ontdoet hij de kruiwagen van zijn lading, waarbij hij zo diep vooroverbuigt dat hij met zijn hoofd door het wateroppervlak breekt en met zijn voorhoofd de borst raakt van de broer van de inspirator, die daar onder water ligt opgebaard. Hoewel ik niet de persoon achter de denkbeeldige kruiwagen ben – of lijk te zijn – ervaar ik niettemin de aanraking met de koude borstkast, wat een morbide sensatie tot gevolg heeft. Dan ineens ben ik een vrij man, door een taxi afgezet voor mijn huis in een Italiaanse stad en geef ik een muntje aan een man die zit te bedelen. Of ik overweeg dat te doen.
Labels:
charismatische leider,
dood,
Dream Gerrard,
sekte
Le rêve est une seconde vie I
In de nacht van 5 op 6 dec droomde ik –had voor ik naar bed ging bij P&W vernomen dat Nelson Mandela overleden was- dat mijn moeder was gestorven. Het was zomer, nog licht, ik had een rondje om de nieuwe buurt gelopen en liep door het paadje terug naar huis, ietsje gehaast want het was vijf voor tien en ik wilde het Tien uur journaal zien. Ik was bedrukt en verward want mijn moeder was die dag overleden, hoewel, dat leek een gegeven en toch was het niet helemaal zeker want ineens hoor ik haar stem achter mij, ze roept “G. kom je naar beneden?” wat niet logisch is maar in een droom slik je alles voor zoete koek, enfin, ik draai me om en zie dat het niet mijn moeder is die mij achternakomt, maar J. mijn overbuurvrouw. Op het moment dat ik de stem van mijn moeder denk te horen word ik overspoeld door gevoelens van vreugde en opluchting, alsof haar overlijden niets meer dan een boze droom was, maar wanneer ik constateer dat het niet mijn moeder is maar mijn overbuurvrouw, is de teleurstelling zo groot –en het besef van de onomkeerbaarheid van mijn moeders dood – zo definitief dat ik nu terwijl ik dit schrijf nog de intense droefenis voel die dat te weeg bracht. Maar met die droefenis – gevoeld in het moment zelf van die droom, toch ook, al is het op de achtergrond – de irritatie dat mijn overbuurvrouw op condoleancevisite wil komen op het moment dat ik naar het Tien uur journaal wil kijken.
Labels:
dood,
Dream Gerrard,
dromen,
tien uur journaal
zondag 28 juli 2013
De slimste mens: ook in dromenland
Wordt uw leven ook opgeluisterd door dat schitterende NRCV-programma De Slimste Mens? Ik sla geen aflevering over. Ze pakken het ook heel goed aan door te zorgen dat er elke avond wel een vrouw bij zit met wie ik het doen wil. Zo heeft Marit van Bohemen het twee afleveringen volgehouden, voor haar genoeg om mijn droomwereld binnen te dringen. Ik droomde dat ze aan het begin van het programma –tijdens het introductiepraatje- aan Frederik Philips vertelde dat ze een paar uur per dag achter een raam zat in de rosse buurt van Leiden om “wat bij te verdienen.” Marit hoorde de presentator denken, is dat niet gevaarlijk in een ruige stad als Leiden (blijkbaar is Leiden in dromenland een ruige stad, red.) maar nee ze werkte hoofdzakelijk aan het eind van de middag en stopte voor het donker werd; bovendien bestond haar klantenbestand voornamelijk uit onschadelijke losers. Toen ik Marit dat hoorde zeggen, dacht ik, misschien moet ik toch eens naar Leiden, ofschoon Marit, die sowieso metterjaren aan aantrekkelijkheid heeft ingeleverd, plotsklaps en in sneltreinvaart begon te verouderen; haar gezicht verschrompelde als een versmade appel op een fruitschaal. Dát, plus het feit dat ik gister gemasturbeerd heb kijkende naar een filmpje van twee cunnilingussende redheads, van wie er een een tatoeage van een woord of naam net onder de borst had, maakte dat ik in de werkelijkheid van de droom overwoog om LOST op mijn borst te laten tatoeëren, niet omdat ik me per se zo lost voel , maar omdat ik het zondermeer een cool woord vind –of vond. Koketterie met het loserdom blijft iets romantisch hebben, ook na je veertigste. (Toen ik me vanochtend terwijl ik in de auto zat mijn droom herinnerde, was het alsof ik die overweging in de wakende wereld gemaakt had en niet in dromenland. Het is maar dat u het weet.)
Abonneren op:
Posts (Atom)