zaterdag 5 juni 2010
Parijs, Rue Scribe
Zwarte bouwvakkers aan het werk onder een steiger in de Rue Scribe. “Aan het werk” – dat wil zeggen wachten, leunen op en hangen aan de buizen van de steigers. Er komt een mooie modieuze Parisienne voorbij, een jaar of dertig, kek kontje. Een van de bouwvakkers, een grote, zelfverzekerde noir zegt met zware basstem “bonjour” tegen haar, tenminste, dat is het woord dat hij gebruikt; maar wat hij eigenlijk zegt, de boodschap die in dat woord verpakt zit, is “Ik wil je neuken en ik wil je hard neuken, heel hard neuken.” De dame in kwestie reageert enigszins verontwaardigd, comme il faut – maar zegt niettemin “bonjour” terug, en wat ze daarmee zei was heel ondubbelzinnig het volgende: “Ik zou me ook graag door jou laten neuken en hard laten neuken, maar tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren. Bovendien, ik heb nog meer te doen.”
Arjen Robben geblesseerd
Dit is de situatie. Mijn moeder en ik in de keuken, we zijn aan het vaatwassen. Mijn tante belt. Ik vaatwassen; moeder naar de woonkamer om met mijn tante te praten. Dan roept ze:
-Hoe hiet tah?
-Hoe hiet wah?
-Wa tij heh?
-Wie wah heh?
-Hoe hiet tie?
-Hoe hiet wie?
-Oh joh, dieje goeie voetballer.
-Robbe?
-Ja Robbe.
-Een hamstring…
Mijn moeder in de telefoonhoorn:
-Ja unne hemstring. Heh kel.
-…blessure.
-Hoe hiet tah?
-Hoe hiet wah?
-Wa tij heh?
-Wie wah heh?
-Hoe hiet tie?
-Hoe hiet wie?
-Oh joh, dieje goeie voetballer.
-Robbe?
-Ja Robbe.
-Een hamstring…
Mijn moeder in de telefoonhoorn:
-Ja unne hemstring. Heh kel.
-…blessure.
vrijdag 4 juni 2010
Een hondenvriendschap
Op het plein bij het Museum Pompelmoes was het een drukte van jewelste. Zwarte tieners deden yo yo rapper-dingen, mensen kregen voor een habbekrats een nekmassage, een dame blies op de ditsjeriedoe en er waren die twee hondjes… Dat ene hondje stond zich beneden bij het museum bij zijn aan de praat geraakte baasje te vervelen en de andere, geen hondje maar zeg gerust een hond, kwam aangelijnd aangelopen. De laatste kreeg lucht van zijn vriendje of zag hem of beide, in elk geval had zijn baasje de ketting nog niet losgemaakt of daar rausde de hond al de helling af naar zijn copain. Bij zijn vriendje aangekomen sprong hij van pure blijdschap vier tot vijf keer over het hondje heen. Van links naar rechts en van rechts naar links, ja zo gaat ie goed. Daarna zijn ze samen het Museum Pompidoe ingegaan om wat bij te blaffen en de tentoonstelling van Lucien Freud te bezichtigen, want de hond en het hondje hielden erg van kunst.
zaterdag 15 mei 2010
Partij voor de Andere Dieren
Op wie te stemmen negen juni? Mijn enthousiasme voor Job Cohen is tanende, het duurt nog wel tien jaar voor ik een linkse VVD’er ben (als dat er al ooit van komt), D66 is mij te nikserig en Pechtold bovendien mijn man niet, op Femke Halsema wil ik liever klaarkomen dan stemmen, blijft over de Partij voor de Dieren. Die naam staat me om te beginnen tegen, het zou de Partij voor de ANDERE Dieren moeten zijn, want de mens is ook een dier, niet waar? Waarom steeds een slechts schijnbare dichotomie benadrukken? (Ik ken heel veel moeilijke woorden.) Die Marianne Thieme, tja wil ik ook best op en in ejaculeren, maar voor de rest vreet ik haar niet zo, ook dat gristelijke gedoe van haar trek ik niet, blijft over Esther Ouwehand: die zag ik bij Pauw en Witteman en maakte daar een goeie indruk. Ga ik toch gewoon lekker op een one issue partij stemmen, vraagteken (ik weet het namelijk nog niet zeker).
vrijdag 14 mei 2010
Spermadouche
Ongeveer een week te laat, maar alsnog de grap. Louis van Gaal, die in plaats van een bierdouche van zijn spelers een spermadouche krijgt, even leutig en kwajongensachtig gedrag van spelers en trainer, die hollend met hoog opgeheven knieƫn en vol jolijt de spermadraden probeert te ontwijken onder luide toejuiching van het publiek. Dijenkletser, toch?
dinsdag 4 mei 2010
een goed verhaal
Gelezen: een goed verhaal van Mensje van Keulen. Was het wat? Ach, het was best aangenaam verpozen. Deed het je wat? Nauwelijks. Nog iets aan toe te voegen? De auteur ontving voor schrijven van het boek een werkbeurs van het Fonds voor de Letteren. Is dat nou nodig? Ik bedoel, ze kan toch ook een baan zoeken en die verhaaltjes in de avonduren schrijven, of ben ik nou zuur? Nee hoor, ik ben het roerend met je eens. Aan vertalers van Proust en Joyce en Pamuk en zo geef je een werkbeurs, want het is van belang dat hun werk voor een ieder in ons taalgebeid toegankelijk is. Maar niet aan schrijvers van vrijblijvende verhalenbundeltjes.
zondag 2 mei 2010
Zondagavond
De dagen gaan in sneltreinvaart voorbij. Ik rijd met mijn auto langs mijn werk en probeer me voor te stellen dat het maandagmiddag is, iets na vijven, en dat ik dan over dezelfde rotonde rij, net als nu op weg naar huis, en tegen mijzelf zeggen kan, zo, de kop is eraf, nog een dagje en we kunnen de week weer doormidden zagen.
Abonneren op:
Posts (Atom)